Leenstelsel

Studiefinanciering blijft studiefinanciering heten, al wordt er nu vaak gesproken over een leenstelsel. Dit komt doordat hbo-studenten (sinds september 2015) hun basisbeurs niet meer in een gift kunnen omzetten, maar al het geld dat ze lenen moeten gaan terugbetalen. Studiefinanciering blijft uit verschillende onderdelen bestaan, wel zijn er wat wijzigen voor studenten van het hbo en de universiteit. Zo is de basisbeurs voor het hbo en de universiteit verdwenen en hebben minderjarige studenten straks ook recht op een studentenreisproduct. Per onderdeel leggen we kort uit hoe het per studieniveau precies werkt en waar je straks recht op hebt.

Basisbeurs (mbo) Voor studenten in het mbo gaat er niks veranderen, de basisbeurs blijft bestaan. De basisbeurs is onderdeel van een prestatiebeurs, dit betekent dat de basisbeurs omgezet wordt in een gift als je binnen 10 jaar een diploma haalt. Het bedrag waar je per maand recht op hebt hangt af van je woonsituatie. Er zit een verschil in de bijdrage voor thuiswonende studenten en studenten die niet thuis wonen.

Basisbeurs mbo:

€ 268,59 (uitwonend)

€ 82,30 (thuiswonend)

Studievoorschot (hbo en universiteit) Iedereen die voldoet aan de voorwaarden voor studiefinanciering heeft sowieso recht op een studievoorschot. Het studievoorschot is geen onderdeel van een prestatiebeurs, zoals bij de basisbeurs van het mbo. Dit betekent dat je studiefinanciering niet wordt omgezet in een gift als je een diploma haalt. Het studievoorschot bestaat uit een leenstelsel, dit betekent dat wat je leent je moet terugbetalen. Het bedrag wat je kunt krijgen als studievoorschot is voor alle studenten hetzelfde, het maakt met het studievoorschot niet meer uit of je wel of niet thuiswonend bent.

Studievoorschot hbo en universiteit:

€ 867,68 maximaal lenen (studievoorschot, inclusief eventuele aanvullende beurs)

€ 167,17 maximaal extra lenen (voor collegegeld)

Aanvullende beurs/collegegeldkrediet (mbo, hbo en universiteit) Wanneer je een basisbeurs of studievoorschot aanvraagt kan je ook direct controleren of je misschien recht hebt op een aanvullende beurs of collegegeldkrediet. Of je recht hebt op een aanvullende beurs/collegegeldkrediet hangt af van het inkomen van je ouders. Verdienen je ouders minder dan € 46.000 bruto per jaar, dan heb je recht op een aanvullende beurs/collegegeldkrediet. Deze beurs is een gift voor studenten die een diploma halen.

Aanvullende beurs mbo:

€ 359,41 (uitwonend)

€ 337,68 (thuiswonend)

Aanvullende beurs hbo en universiteit maximaal:

€ 387,92 (uitwonend en thuiswonend)

Lenen (mbo) Naast een basisbeurs of studievoorschot en de aanvullende beurs/collegekrediet blijft het mogelijk om extra bij te lenen. Dit tegen een lage rente via DUO. De hoogte van deze rente staat op 0,0% voor 2017.

Maximaal bijlenen mbo: € 179,29

Studentenreisproduct Heb je recht op een basisbeurs of studievoorschot dan heb je ook recht op een OV-jaarkaart (studentenreisproduct), dit blijft zoals het is een voorlopige lening. Wel hadden voorheen alleen studenten ouder dan 18 jaar recht op een studentenreisproduct, sinds 1 januari 2017 ook de minderjarige mbo studenten.

Gratis studievoucher Voor studenten in de overgangsperiode, t/m het schooljaar 2018/2019, is er iets bedacht. Studenten die in de eerste lichting zitten krijgen namelijk na het behalen van hun studie een studievoucher cadeau. Met deze studievoucher mag je na je studie een bijscholing volgen t.w.v. € 2000,-. Let op, want je kunt deze studievoucher pas 5 jaar na je afstuderen inwisselen en is dan vervolgens slechts 5 jaar geldig.

Studeren met een handicap Ben je een student en heb je een handicap of chronische ziekte, dan wordt na het behalen van je studie een deel van je schuld kwijtgescholden. Het gaat hierbij om een bedrag van € 1.200,- dat je niet hoeft terug te betalen. Hoe je precies aanspraak kunt maken op deze kwijtschelding is nog niet bekend.

Terugbetalen studieschuld Omdat alles wat je aan geld krijgt als studiefinanciering een lening is moet je dit ook op een zeker moment terugbetalen. Het terugbetalen van je studieschuld begint als je het minimumloon of meer gaat verdienen, na het behalen van je studie. De maandelijkse aflossing ligt straks niet hoger dan 4 procent van je maandelijkse inkomsten, voorheen was dit maximaal 12 procent. Lukt het je niet om binnen 35 jaar je studieschuld af te lossen, dan wordt de eventuele restschuld kwijtgescholden.

> Lees hier verder over het terugbetalen van je studieschuld